“Terschelling zit in mijn hart”: Hans van der Lubbe over 54 jaar eilandliefde, vriendschap en oudjaarsoptredens

Oké, één keer sloeg hij zijn bezoek aan Terschelling tijdens de feestdagen over. Maar daar heeft hij nog steeds spijt van. “Amsterdam viel zó tegen, dat wil ik nooit meer meemaken”, zegt Hans van der Lubbe beslist. De bassist van de inmiddels gestopte band De Dijk komt al 54 jaar naar het eiland en viert hier vrijwel ieder jaar de jaarwisseling. “Het hoort bij ons leven.”

Het begon allemaal in de Zaanstreek, waar Hans als negentienjarige jongen besloot met een groep van zo’n vijftig vrienden naar Terschelling te trekken met de feestdagen. “We zaten in de oude Dellewal, bij boer Hek”, vertelt hij met een glimlach. “Stapelbedden op zolder, een feestzaaltje erbij… het was één groot feest.” Inmiddels is dat oude onderkomen verdwenen, maar de herinneringen zijn levendig. En de band met het eiland is alleen maar sterker geworden.

Het eiland als gelijkmaker
Hans heeft zijn eigen tradities op het eiland. “Het eerste wat ik doe als ik aankom, is mijn tas droppen en linea recta naar De Walvis lopen. Even vrienden zien, aankomen, landen. Deze periode is eigenlijk één grote reünie.” Het paviljoen is een van zijn favoriete plekken, net als het Groene Strand, ‘t Zwaantje en West aan Zee. “Het eiland is een soort gelijkmaker. Iedereen is hier gewoon zichzelf. Dat vind ik heel prettig.” De slaapzalen en groepsaccommodaties zijn intussen verruild voor een comfortabel huisje. “Ik ben nu 73, dan wil je dat natuurlijk niet meer. We hebben intussen zoveel kennissen hier, we kunnen altijd wel ergens terecht. En buiten de feestdagen komen we ook geregeld, bijvoorbeeld tijdens Oerol.”

Spelen op het eiland
De liefde voor Terschelling en muziek smolten samen in de formatie ‘Wad bij Nacht’, waarmee Hans 25 jaar lang speelde met onder anderen zijn (stief)zoon Jeroen Booy. “We speelden één keer per jaar in de Braskoer bij Jan Welten. We moesten dan wel even repeteren, maar het was elke keer een feest.” Bekende muzikanten als Paul de Munnik, JB Meijers, Wouter Planteijdt, Bartel Bartels en Pim Kops deden mee. Zijn zoon treedt nu op met ‘The One Night Band’ en Hans zelf staat oudejaarsdag met Jeroen op het podium in De Stoep in Midsland. “Hoe die band heet? Ik geloof De Stoeprandband.” Ook Oerol kreeg Hans met De Dijk in 2011 op z’n kop met een optreden. “Geweldig was het, ik heb er hele goede herinneringen aan.” Een memorabel moment, al kiest hij tegenwoordig wat vaker voor rust.

Vuurwerk kijken
Inmiddels is Hans met pensioen, al voelt het voor hem niet zo. “Ik treed nog op, doe leuke projecten, en ik reis veel.” Samen met zijn vrouw Jantien trekt hij graag door Europa: van Spanje en Italië tot Slovenië en Hongarije. “Europa is prachtig. We waarderen het nu meer dan ooit.” Toch blijft Terschelling speciaal. “De natuur, de lucht, de stilte. Uitslapen, boekje lezen, wandelen, fietsen… je komt hier echt tot jezelf.” Vooral rond oud en nieuw is het anders dan waar dan ook. “De afsluitende week van het jaar, dan gaat iedereen er in de horeca nog even flink tegenaan. En op 2 januari? Niemand meer op straat! Alleen afgedankte kerstbomen.” Een van zijn favoriete momenten? “Op oudjaarsavond op het Seinpaalduin naar vuurwerk kijken. Je ziet het van West, Vlieland, Harlingen, het hele Wad licht op. Dat heeft iets magisch.”

Kleinschalige projecten
In 2022 kwam er een einde aan zijn 41-jarige carrière met De Dijk; de band stopte eind dat jaar. “Het was mooi geweest. Het is beter om zelf te kiezen om te stoppen, dan wanneer er iets gebeurt waardoor je móet stoppen. Daar ben ik echt blij mee.” In plaats van grootse tournees kiest Hans nu voor kleinschalige, intieme projecten. “Optreden in Midsland, met fijne muzikanten… dat is precies goed.”

Sundrum
Hoewel Hans in hartje Amsterdam woont – en daar ook intens van geniet vanwege het theater, film en musea-aanbod – zou hij prima op Terschelling kunnen wonen. “Oh ja hoor, ik zou wel dingen missen, maar ik vind het hier heerlijk. En jullie hebben het West-End Theater, dat is toch wel het mooiste en kleinste theater van Nederland.” Een plek die hem telkens weer weet te raken. Een bijzondere wens koestert hij nog: ooit nog eens het traditionele Sundrum te ervaren. “Ik zag daar ooit tijdens Oerol een voorstelling over. Dat maakte zo’n indruk op mij, dat lijkt me geweldig om nog eens mee te maken.”